Het allermooiste wat er is...


God kennen en Zijn liefde ervaren is het allermooiste wat er is. Wil je dat? Schrijf je dan gratis in op Ontdek God en ontdek werkelijk het aller-aller-allermooiste wat je ooit kunt ervaren...

ouweneel jezus

De leer van Ouweneel of het evangelie van Jezus?

Jezus Christus zei met grote nadruk dat Hij tijdens het leven van de eerste christenen op geestelijke wijze zou verschijnen, op de wolken met de engelen. Dan zou Hij Israel oordelen, met de verwoesting van Jeruzalem en de tempel als gevolg. Op dat ogenblik zou eveneens het hemelse koninkrijk aanbreken, wat een geestelijke realiteit is.

Jezus Christus onderstreepte dat Gods koninkrijk niet van deze wereld is, maar het is binnenin ons. ‘Vlees en bloed kunnen het koninkrijk van God niet ontvangen’ beaamde de apostel Paulus en zei dat Gods koninkrijk in de Heilige Geest ervaren wordt. Jezus zei dat de tijd voorbij was dat mensen zouden aanbidden op een berg of in Jeruzalem, omdat God Geest is en Hij wil dat mensen Hem in GEEST aanbidden. De apostel Paulus hamerde erop dat wij inderdaad Gods tempel en woning zijn en dat we moeten leren zien, denken en leven in de GEEST, en zo de geestelijke realiteiten ervaren. Petrus onderstreepte dat voortaan allen die in Christus zijn, Gods heilige volk zijn. In Christus is er Jood noch Griek, maar is er een nieuwe mens. Alle beloften van God zijn vervuld in Jezus Christus. Alles draait om Jezus Christus.

Willem Ouweneel beweert het tegendeel: Jezus is niet geestelijk op de wolken verschenen, maar zal lichamelijk op aarde komen. Niet de eerste maar de laatste christenen zullen het meemaken. Gods koninkrijk zal niet hemels maar aards zijn, en mensen zullen wel naar een aardse stad moeten om te aanbidden. We moeten niet leren leven in de geestelijke realiteit van Gods koninkrijk, maar we moeten aards denken. Bovendien draait alles niet om Jezus Christus, maar alles draait om het aardse Israel.

Ouweneel verwoordt deze denkbeelden in zijn column op Cip.nl, als reactie op ‘De Waarheid Over De Wederkomst‘.

In ‘De Waarheid Over De Wederkomst’ laat ik helder zien wat Jezus Christus en de apostelen zeiden over de wederkomst, eindtijd en Israel, en ik toon aan dat wat christenen geleerd hebben, haaks staat op alles wat Jezus Christus onderwees. Ouweneel heeft ‘De Waarheid Over De Wederkomst‘ niet gelezen, maar heeft er desondanks een reactie op gegeven. Zijn reactie bestaat uit niet veel meer dan de bekende misleiding te bevestigen, die tegen de boodschap van Jezus Christus indruist. In onderstaand artikel zal ik de column van Ouweneel zin voor zin behandelen en laten zien hoe tegenovergesteld zijn verkondiging is aan het evangelie van Jezus Christus en de apostelen.

Herstel van het echte evangelie

Ik doe dit niet om Willem Ouweneel zwart te maken, maar omdat ik kwetsbare en onwetende christenen wil helpen om bevrijd te worden van de zeer schadelijke leugens die de kerk binnengeslopen zijn. Door deze leugenleringen is het ware evangelie compleet weggevaagd en vervangen door een boodschap die er radicaal tegenovergesteld aan is.  Ik respecteer Ouweneel vanwege het goede dat hij gedaan heeft, maar ik niet toestaan dat hij zijn positie gebruikt om de misleidingen te blijven verspreiden, die christenen verhinderen het ware evangelie van Jezus Christus te ontdekken en binnen te gaan in het koninkrijk van God.

Het is mijn gebed dat Willem Ouweneel de waarheid van het evangelie zal gaan ontdekken, en hopelijk zal dit artikel daartoe bijdragen.

We zijn namelijk allemaal opgegroeid in de misleiding, ikzelf net zo goed als Ouweneel en iedereen die dit leest. De Heer heeft mijn ogen ervoor geopend en nu is het mijn verlangen dat vele anderen de waarheid zullen ontdekken, die zo kristalhelder door Jezus en de apostelen verkondigd werd. Het is hoog tijd dat christenen wereldwijd verlost worden van de leugens, die ons bestelen van de heerlijke realiteiten die Jezus Christus ons heeft gegeven. Met die intentie schrijf ik dit dan ook, zodat er herstel komt van de rijkdommen die we kunnen ervaren, eenmaal we het echte evangelie weer gaan ontdekken. En ik bid dat Willem Ouweneel een van de velen zal zijn die van deze wondermooie realiteiten zal genieten, door de waarheid van Jezus Christus te erkennen.

Misleiding staat haaks op het evangelie

Nu stelt Willem Ouweneel zich echter nog nadrukkelijk op als een van de vertegenwoordigers van de misleiding die haaks staat op de boodschap van Jezus Christus, vandaar de titel ‘Willem Ouweneel of Jezus Christus’. Mogen zijn ogen geopend worden door de duidelijke waarheid, die ons kan verlossen van zelfs de meest hardnekkige misleidingen die de kerk in haar greep hebben. En ik bid dat Ouweneel een leider wordt die christenen niet langer meeneemt in dwalingen, maar die anderen leert om werkelijk te horen wat Jezus Christus zegt, zodat er een ongekende mate van vrijheid, volwassenheid en vruchtbaarheid kan komen onder christenen wereldwijd.

Ik nodig je ook uit om vooral ‘De Waarheid Over De Wederkomst‘ te lezen, waarin je een zuiver zicht krijgt op het evangelie: het GOEDE NIEUWS dat Gods koninkrijk gekomen is en dat Jezus Christus in ons midden is.

In onderstaand artikel zal ik de beweringen van Willem Ouweneel plaatsen, naast de uitspraken van Jezus Christus en de apostelen. Ik citeer hier voornamelijk gedeelten uit ‘De Waarheid Over De Wederkomst’. Dus nogmaals: om het complete plaatje voor ogen te krijgen, lees het volledige onderwijs gratis op OntdekGod.nl

Tenslotte wil ik vermelden dat hetgeen Ouweneel ‘preterisme’ noemt, niets anders is dan de exacte boodschap van Jezus en de apostelen, ofwel het evangelie. Door de waarheid een vreemd label te geven, wordt het verdacht gemaakt. Maar ik verkondig geen ‘preterisme’ of ander -isme, ik verkondig de boodschap van Jezus Christus. Niets meer en minder. Het gaat om het herstellen van de waarheid van het ware evangelie. 


1) Het tijdstip van de wederkomst

Ouweneel: Het belangrijkste argument vóór het preterisme zijn teksten als Matt. 16:28 (dat echter pal daarop vervuld is in 17:1-8!!) en 24:34 (waar ‘dit geslacht’ volgens kenners niet een ‘generatie van 40 jaar’ betekent, maar ‘deze soort’: dit verdorven mensengeslacht). In Matt. 24:48 en 25:5,19 (‘lange tijd’!) suggereert Jezus juist dat zijn wederkomst lang op zich zou laten wachten. Hij komt ‘spoedig’ (Openb. 22:7,12,20) – maar pas na ‘lange tijd’! Dat is geen tegenstrijdigheid voor Hem voor wie duizend jaren zijn als één dag (Ps. 90:4; 2 Petr. 3:8).

Ouweneel beweert hier dat Jezus voorspelde dat Zijn wederkomst lang op zich zou laten wachten. Is dat wat Jezus en de apostelen zeiden? Lees en oordeel zelf… Dit is een hoofdstuk uit ‘De Waarheid Over De Wederkomst’:

De eerste christenen wilden natuurlijk weten wanneer Jeruzalem en de tempel verwoest zouden worden en wanneer Hij op de wolken zou verschijnen met zijn engelen om vergelding te brengen, zoals Hij diverse malen voorspeld had. Daarom stelden ze Hem de prangende vraag:

‘Zeg ons, WANNEER zullen deze dingen gebeuren? En wat is het teken van UW KOMST en van de voleinding van dit tijdperk?’ (Mattheus 24:3)

Het antwoord dat Jezus hen gaf, liegt er niet om:

‘Ik verzeker jullie: DE MENSEN VAN DEZE TIJD zullen dit alles nog beleven.’ (Mattheus 24:34 Groot Nieuws Bijbel)

wederkomst tijd

Een duidelijker antwoord had Jezus hen niet kunnen geven. Hij zei het zelfs met nadruk: ‘Ik verzeker jullie…’. Deze uitdrukking gebruikte Jezus telkens Hij wilde dat zijn toehoorders bijzondere aandacht zouden geven aan Zijn woorden.

‘Ik verzeker jullie: de mensen van deze tijd zullen dit alles nog beleven.’ (Mattheus 24:34 – Groot Nieuws Bijbel) 

De Nieuwe Bijbelvertaling vertaalt deze woorden van Jezus als volgt:

Ik verzeker jullie: deze generatie zal zeker nog niet verdwenen zijn wanneer al die dingen gebeuren.’ (Mattheus 24:34 – Nieuwe Bijbelvertaling)

Aangezien een generatie veertig jaren duurt, kondigde Jezus Christus dus aan dat de verwoesting van Jeruzalem en Zijn wederkomst zouden gebeuren binnen veertig jaren. De recente bijbelvertaling ‘De Bijbel In Gewone Taal’ vertaalt het dan ook correct als volgt:

‘Luister goed naar mijn woorden: Sommige mensen die nu leven, zullen dat nog meemaken.’ (Mattheus 24:34 – Bijbel in Gewone Taal)

Sommigen beweren dat Jezus eigenlijk bedoelde: ‘Het menselijk ras zal niet voorbijgaan voor dit alles gebeurd is.’ Zo’n antwoord zou echter je reinste flauwekul zijn, want het heeft niet de minste betekenis. Uiteraard komt Jezus tijdens het bestaan van de mensheid, wanneer anders? Stel je voor dat je beste vriend op reis gaat en jij vraagt hem: ‘Wanneer kom je precies terug?’. Zijn antwoord luidt: ‘Ik kom terug zolang het menselijk ras nog bestaat.’ Dan weet je natuurlijk nog niets. Nee. Deze uitleg is werkelijk volkomen onzinnig. Jezus gaf wel degelijk een helder antwoord op de vraag wanneer Hij zou komen: tijdens de toenmalige generatie. Hij zei het bovendien met extra nadruk: IK VERZEKER JULLIE!

Jezus wilde dat de christenen goed zouden weten wanneer Hij zou komen: in hun tijd!

Dat was trouwens niet de eerste maal dat Jezus Christus had benadrukt dat de mensen die toen leefden zijn wederkomst zouden meemaken. In Mattheus 23 kondigde Jezus de centrale gebeurtenis aan, die kenmerkend zou zijn voor Zijn wederkomst: Gods toorn zou worden uitgestort over Israel, met de totale verwoesting van Jeruzalem als gevolg. Jezus kondigde deze verwoesting van Jeruzalem aan, vlak voor Hij sprak over Zijn wederkomst:

‘Uiteindelijk zal op uw hoofd neerkomen al het onschuldige bloed dat op aarde vergoten is, van het bloed van de rechtvaardige Abel tot het bloed van Zacharias, de zoon van Berekja, die u vermoord hebt tussen de tempel en het altaar. Ja, ik verzeker u, dat alles zal neerkomen op deze generatie. Jeruzalem, Jeruzalem! U doodt de profeten en stenigt hen die God u gestuurd heeft. … Ja, uw huis zal als een woestenij achterblijven.’ (Mattheus 23:31-37)

Hier had Jezus ook al met nadruk gezegd dat de toenmalige generatie dat alles zou ondergaan:

‘Ja, ik verzeker u, dat alles zal neerkomen op deze generatie.’ (Mattheus 23:36)

Of zoals het in de ‘Bijbel In Gewone Taal’ correct vertaald is:

‘De mensen die nu leven, zullen voor al die misdaden gestraft worden.’ (Mattheus 23:36 – Bijbel In Gewone Taal)​

wederkomst generatie

Jezus wilde blijkbaar niet dat iemand er ook maar een seconde aan zou twijfelen wanneer Hij zou komen en wie de ellende zou meemaken, die aan Zijn komst zou voorafgaan. Daarom herhaalde Hij de tijdsaanduiding van Zijn komst diverse malen. Zo zei Hij bijvoorbeeld tegen de leden van de hoge raad, vlak voor zijn kruisiging:

‘Ik zeg tegen jullie allen hier: vanaf nu zullen JULLIE de Mensenzoon zien zitten aan de rechterhand van de Machtige en hem ZIEN KOMEN op de wolken van de hemel.’ (Mattheus 26:64 GNB)

wederkomst hoge raad

Als Jezus voorspelde dat de leden van de hoge raad, die Hem veroordeelden tot de kruisdood, Hem zouden zien komen op de wolken, dan zouden zij dus nog in leven zijn, bij Zijn komst! Hetzelfde had Jezus al eerder gezegd tegen de mensen die Hem volgden:

‘Want de Zoon des mensen zal komen in de heerlijkheid van Zijn Vader, met Zijn engelen, en dan zal Hij ieder vergelden naar zijn daden. Voorwaar, Ik zeg u: Er zijn sommigen van hen die hier staan, die de dood niet zullen proeven voordat zij de Zoon des mensen hebben zien komen in Zijn Koninkrijk.’ (Mattheus 16:27, 28 Herziene Statenvertaling)

wederkomst sterven

Sommigen beweren dat Jezus hier sprak over het ogenblik dat de Heilige Geest uitgestort zou worden, maar dat is niet wat er staat. Jezus zei dat Hij zou komen in de heerlijkheid van Zijn Vader, met Zijn engelen, om vergelding te brengen. Dat is overduidelijk Zijn wederkomst. De ‘vergelding’ verwijst naar Gods toorn die over Jeruzalem zou uitgestort worden.

Jezus wilde ook hier dat iedereen goed zou weten wanneer Hij zou komen: sommigen van hen zouden nog in leven zijn, bij Zijn komst.

Ook tegen de apostelen benadrukte Jezus dat Zijn komst door hen meegemaakt zou worden. Hij zond hen erop uit om het goede nieuws te verkondigen dat Gods koninkrijk nabijgekomen was, en waarschuwde hen dat ze op sommige plaatsen vervolging zouden ervaren. Als ze in de ene stad vervolgd werden, moesten ze naar de volgende stad trekken. Hij bemoedigde hen dat Zijn komst reeds zou plaatsvinden, nog voordat ze het goede nieuws in elke stad van Israel verkondigd zouden hebben!

‘Wanneer ze jullie vervolgen in de ene stad, vlucht dan naar de andere. Want ik verzeker jullie: de Mensenzoon zal komen voordat jullie de laatste stad in Israel bereikt hebben.’ (Mattheus 10:23 GNB)

wederkomst israel

Een laatste tijdsaanduiding die ik onder de aandacht wil brengen, vinden we in een antwoord dat Jezus gaf aan de apostel Petrus. Jezus had gezegd dat sommigen nog in leven zouden zijn, bij Zijn komst. Petrus vroeg zich blijkbaar af of Johannes een van deze mensen zou zijn. Jezus zei echter tegen Petrus dat dit zijn zaak niet was:

‘Jezus zei tegen hem: Als Ik wil dat hij blijft totdat Ik kom, wat gaat het u aan? Volgt u Mij!.’(Johannes 21:22)​

citaat komst johannes

Indien Jezus wist dat het nog duizenden jaren zou duren voor Hij zou komen, zou zo’n antwoord volslagen onzinnig geweest zijn. Het feit dat Hij zei dat het Petrus niet aangaat of Johannes nog zou leven bij Zijn komst, laat zien dat dit dus een realistische mogelijkheid was. Het sluit aan bij alle andere tijdsaanduidingen die Jezus gaf.

Jezus Christus zei herhaaldelijk en met nadruk dat Zijn komst zou meegemaakt worden, door de eerste christenen.

Het is opvallend dat Jezus Christus nooit ook maar de minste suggestie maakte dat de eerste christenen Zijn komst niet zouden meemaken en dat het nog duizenden jaren zou duren. Voor deze gedachte gaf Hij werkelijk niet de minste ruimte. Telkens Hij sprak over het tijdstip van Zijn komst zei Hij met nadruk dat het zou gebeuren tijdens de uitstorting van Gods toorn over Israel en dat de eerste christenen het zouden meemaken.

  • Sommigen die Jezus hoorden spreken, zouden nog leven als Hij zou komen
  • Mensen van die tijd zouden het meemaken
  • De eerste christenen moesten zich voorbereiden op Zijn wederkomst
  • Gods oordeel zou neerkomen op die generatie
  • De tijd was vervuld en Gods koninkrijk was nabij gekomen
  • De leden van de hoge raad zouden Hem zien komen op de wolken
  • De leerlingen zouden niet eens de tijd hebben om het goede nieuws te verkondigen in elke stad van Israel, voor Zijn komst
  • De apostel Johannes zou het misschien nog meemaken
  • Jezus sprak met grote nadruk tot de eerste Joodse christenen en zei dat ZIJ het zouden meemaken
  • Op geen enkele wijze gaf Jezus de indruk dat Zijn komst nog lange tijd op zich zou laten wachten. 

Naast de uitspraken van Jezus Christus, is er nog een belangrijke bron van informatie die ons duidelijkheid verschaft over het tijdstip van ‘de laatste dagen’ en de wederkomst: de brieven van de apostelen. De komst van Jezus was een centraal thema in het onderwijs van de apostelen, dat we vinden in het Nieuwe Testament. Zij benadrukten, net als Jezus, zeer stellig wie de komst zou meemaken en wanneer het zou gebeuren. Laten we enkele van hun aanduidingen onder de loep nemen:

‘Want nog een korte, korte tijd en Hij, die komt, zal er zijn en niet op Zich laten wachten.’ (Hebr. 10:36)

wederkomst apostelen citaat

‘Oefent ook gij geduld, sterkt uw harten, want de komst des Heren is nabij. Broeders, zucht niet tegen elkander, opdat gij niet onder het oordeel valt; zie, de Rechter staat voor de deur.’ (Jakobus 5:7)

‘Wat ik bedoel, broeders en zusters, is dat er maar weinig tijd rest. … Immers, de gedaante van deze wereld gaat voorbij.’ (1 Cor 7:29)

‘De nacht is haast voorbij, de dag begint al bijna.’ (Romeinen 13:12)

‘…ze zijn beschreven tot waarschuwing voor ons, over wie het einde van de eeuwen gekomen is.’ (1 Cor. 10:11)

 

‘Het einde aller dingen is nabijgekomen.’ (1 Petrus 4:7)

‘Nadat God voorheen vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had door de profeten, heeft Hij in deze laatste dagen tot ons gesproken door de Zoon.’ (Hebreeën 1:1-2)

‘En de wereld gaat voorbij met haar begeerte. Kinderen, het is het laatste uur.’ (1 Johannes 2:17-18)

wederkomst laatste uur

Schreven de apostelen dat zij de komst van Jezus niet zouden meemaken en dat het nog tientallen eeuwen zou duren? Zeiden ze dat het einde nog lang niet in zicht was? Nee. Zeer integendeel! Net als Jezus Christus verkondigden de apostelen dat de komst van Jezus in hun tijd zou plaatsvinden, dat het zeer nabij was, dat Jezus hen niet zou laten wachten, Hij stond immers voor de deur en zij moesten zich erop voorbereiden.

Net als Jezus hamerden de apostelen erop, dat de eerste christenen de wederkomst zouden meemaken.

  • Zij leefden in het laatste uur
  • Het einde was in hun tijd nabijgekomen
  • De dag begon al bijna
  • De Rechter stond al voor de deur
  • Het zou slechts een korte, korte tijd duren
  • Hij zou hen niet laten wachten
  • Het heil lag klaar om aan hen geopenbaard te worden
  • Er restte hen nog maar weinig tijd
  • Zij leefden in de laatste dagen
  • Het einde van de eeuwen was over hen gekomen
  • De apostelen gaven niet de minste ruimte voor het idee dat de eindtijd en wederkomst in een zeer verre toekomst lagen. 

 


2) Alle volken ter wereld?

Ouweneel: Matt. 24 is het bijbelgedeelte waar de hele hype om draait. Vs. 14 (het evangelie verkondigd aan alle volken) is 70 n.C. allesbehalve vervuld; het begint pas in ónze eeuw een beetje vervuld te worden!

Wat was ‘de hele wereld’ in het taalgebruik en begrip van de Joden, tweeduizend jaar geleden? Het Romeinse Rijk! Alles buiten het Romeinse Rijk telde niet mee voor hen. Dat was barbaars, onbeschaafd en dus irrelevant. Men beschouwde dat zelfs als ‘onbewoond’. Als Jezus dus zei dat de hele wereld het evangelie zou horen, bedoelde Hij, als Jood van de eerste eeuw, dat de toenmalige beschaafde wereld het evangelie zou gehoord hebben. Is dat gebeurd? Laten we kijken naar wat de apostelen zeiden:

‘Hiervan hebt u eerder gehoord door het Woord van de waarheid, namelijk van het Evangelie. Dit is naar u toe gekomen zoals ook in de hele wereld, en het draagt vrucht zoals ook onder u, vanaf de dag dat u het gehoord hebt en de genade van God in waarheid hebt leren kennen.’ (Kolossenzen 1:5)

‘…als u tenminste in het geloof blijft, gefundeerd en vast, en u niet laat afbrengen van de hoop van het Evangelie, dat u gehoord hebt, dat gepredikt is in de hele schepping die onder de hemel is, waarvan ik, Paulus, een dienaar geworden ben.’ (Kolossenzen 1:23)

‘Allereerst nu dank ik mijn God door Jezus Christus voor u allen, omdat uw geloof in de hele wereld wordt verkondigd.’ (Romeinen 1:8)

‘Hem nu Die in staat is u vast te doen staan, overeenkomstig mijn Evangelie en de prediking van Jezus Christus, overeenkomstig de openbaring van het geheimenis dat door de tijden der eeuwen heen verzwegen was, maar dat nu geopenbaard is en door de profetische Schriften onder alle heidenen bekendgemaakt is, overeenkomstig het bevel van de eeuwige God, om hen tot geloofsgehoorzaamheid te brengen.’ (Romeinen 16:2)


3) Valse profeten?

Ouweneel: En wat vs. 24 betreft: rond 70 n.C. was er helemaal niet een schare ‘valse Messiassen en dito profeten’ in Israël.

Flavius Josephus doet verschillende malen melding van vele valse profeten die de Joden misleidden, gedurende de jaren voorafgaand en tijdens de Joods-Romeinse oorlog. Dit zijn enkele voorbeelden:

‘Er was een groot aantal valse profeten omgekocht door de tirannen om de mensen te vertellen dat zij moesten wachten op de verlossing van God…’ (Flavius Josephus, Wars of the Jews, Book VI, Chapter V, Section 2)

‘Deze bedriegers en misleiders overtuigden de menigte om hen te volgen in de woestijn,en deed alsof ze wonderen en tekenen zouden laten zien, die door de voorzienigheid van God zouden worden uitgevoerd. (… ) Bovendien kwam er rond deze tijd een man uit Egypte naar Jeruzalem, die zei dat hij een profeet was, en adviseerde de menigte van het gewone volk om mee te gaan met hem mee naar de Olijfberg…’ (Flavius Josephus, Wars of the Jews, Book XX, Chapter VIII, Section 6)

Boek van peter holford

George Peter Holford was een gerespecteerd advocaat in de Engelse regering en een actieve weldoener in de 18e-9e eeuw. In het jaar 1805 schreef hij een boek met de titel ‘De verwoesting van Jeruzalem, Een absoluut en onweerlegbaar bewijs van de goddelijke oorsprong van het christendom‘. Holford schetst veel van de gebeurtenissen die door Josephus en andere historici van die tijd werden beschreven. Betreffende Jezus’ waarschuwing voor valse messiassen schreef hij:

‘De noodzaak van deze waarschuwing bleek al snel, want binnen een jaar na de hemelvaart, stond Dositheus de Samaritaan op, die het lef had te beweren dat hij de Messias was, die Mozes voorspeld had; terwijl zijn discipel Simon Magus grote menigten misleidde tot het geloof dat hij de “grote kracht Gods” was.’


 

4) Geschiedschrijving

Ouweneel: Preteristen citeren allerlei heidense én christen-schrijvers uit die tijd die over wonderlijke natuurverschijnselen rond 70 n.C. berichten. Maar niets daarvan lijkt ook maar enigszins op de wederkomst van Christus.

De kennis van Ouweneel schiet ernstig tekort als het het gaat over de geschiedschrijving van de wederkomst. Jezus Christus en de apostelen hadden met grote nadruk voorspeld dat Jezus zou komen op de wolken met de engelen, dat er een helder lichtschijnsel zou zijn tijdens deze gebeurtenis, dat er een ‘teken van de Zoon des mensen’ aan de hemel zou verschijnen enzovoort. De geschiedschrijving van de meest gezaghebbende historici ut de eerste eeuw vermeldt in detail dat al deze zaken gebeurd zijn. Hier enkele citaten. Veel meer geschiedschrijving vind je in ‘De Waarheid Over De Wederkomst’.

“Er verscheen een figuur van enorme grootte die velen zagen zoals de boeken van de Joden vermelden, en voor het ondergaan van de zon werden plotseling in de wolken wagens en gewapende slagorden waargenomen, waardoor alle steden van Judea en haar gebieden werden ingenomen.” (Citaat uit hoofdstuk 44 van de Latijnse versie van Pseudo-Hegesippus)


“En na het feest, slechts enkele dagen later, verscheen een grote geest in de lucht en wat daarmee in verband stond, zou een sprookje lijken, ware het niet verteld door ooggetuigen, gepaard gaande met lijden dat deze tekenen waardig is. Want voor zonsondergang verschenen er in de lucht, over het hele land, wagens en gewapende troepen die door de wolken reden en alle steden omsingelden.” (Citaat uit : Ecclesiastical History, Book 3, Chapter 8, Sections 1-6)


‘…voor zonsondergang werden wagens en troepen van soldaten in hun pantser gezien, die rondreden onder de wolken, en ze omsingelden de steden.’ (‘Wars of the Jews’, Boek 6, hoofdstuk 5, sectie 3)


‘Er werden legertroepen gezien die streden in de lucht, een vurig schijnsel van wapenen. En de tempel werd verlicht door een plots schijnsel vanuit de wolken.’ (Gaius Tacitus, ‘The Histories’, Boek 5.13)


‘Boven het heilige der heiligen werd de hele nacht het gezicht van een man gezien, met een gelaat wiens schoonheid men nog nooit had gezien in het hele land, en zijn verschijning was erg indrukwekkend. Bovendien werden in die dagen vurige wagens gezien en ruiters, een geweldige macht die door de lucht vloog naar de grond toe, komende tegen Jeruzalem en het hele land Juda, allemaal vurige paarden en vurige ruiters.’ (Sepher Josippon, Brand van de tempel, hoofdstuk 87)

Dit is nog maar een greep uit de vele geschiedschrijving, die bewijst dat alles wat Jezus en de apostelen voorspelden, tot in detail is vervuld. Lees alle geschiedschrijving in ‘De Waarheid Over De Wederkomst’. 


5) Elk oog zal Hem zien

Ouweneel: De Schrift verbindt met de wederkomst van Christus een hele reeks gebeurtenissen, die rond 70 n.C. geen van alle hebben plaatsgevonden. Ik kan hier slechts enkele voorbeelden noemen. Jezus komt met de wolken, en aller oog zal Hem zien, ook zij die Hem doorstoken hebben (Openb. 1:7; vgl. Matt. 24:30).

Dit is een typisch voorbeeld van het negeren van de Griekse grondtekst.  Ik citeer hier nogmaals een gedeelte uit ‘De Waarheid Over De Wederkomst’:

Maar de hele mensheid zou Jezus Christus toch zien verschijnen op de wolken? Er staat namelijk geschreven dat ‘alle stammen van de aarde’ Hem zullen zien. Is dat zo? Laten we dit vers eens bekijken…

“Ziet, Hij komt met de wolken en elk oog zal Hem zien, ook degenen, die Hem doorstoken hebben; en alle stammen van de aarde zullen over Hem weeklagen. Ja, Amen.. ”(Openbaring 1:7)

Een belangrijke oorzaak voor het verspreiden van allerlei misleidende gedachten over de wederkomst is het gebrek aan inzicht in de oorspronkelijke Griekse grondtekst, waarin de Bijbel is geschreven. Als we bijvoorbeeld kijken naar het Griekse woord dat hier als ‘aarde’ is vertaald dan zien we het woord ‘GE’ wat betekent: aarde, grond, landregionatieinwoners van een bepaalde regio. 

ge land

Het hoeft dus helemaal niet te betekenen ‘alle stammen van de aarde’, zoals onze bijbelvertalingen ons willen wijsmaken. De aarde is namelijk helemaal niet verdeeld in ‘stammen’! Een veel juistere vertaling zou zijn: ‘alle stammen van het land’. Welk land? Israel natuurlijk, want telkens Jezus sprak over Zijn komst en Gods oordeel, sprak Hij over Israel. Daar zou alles gebeuren. Israel bestond inderdaad uit twaalf stammen.

In alle bijbelverzen over de wederkomst waar in de grondtekst het Griekse woord ‘GE’ gebruikt wordt, is er sprake van DE INWONERS VAN HET LAND ISRAEL!

Dat het woord ‘GE’ in veel bijbelvertalingen is vertaald als ‘aarde’, gaat volkomen voorbij aan het feit dat Jezus Christus Gods oordeel aankondigde over het volk ISRAËL! Nooit kondigde Jezus een oordeel aan over de hele planeet aarde, maar Hij sprak altijd over Gods oordeel dat over de Joden zou komen (zie Mattheus 23). De Joden onder het oude verbond hadden alle profeten vervolgd en uiteindelijk vermoordden ze ook Jezus, wat de maat van hun zonde vol maakte. Ook Paulus zei herhaaldelijk dat Gods toorn over de Joden kwam. Dat blijkt bovendien uit het feit dat Openbaring 1:7 een regelrechte verwijzing is naar een profetie van Zacharia:

“Ik zal over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem uitgieten de Geest der genade en der gebeden; zij zullen Mij aanschouwen, die zij doorstoken hebben, en over Hem een rouwklacht aanheffen als de rouwklacht over een enig zoon, ja, zij zullen over Hem bitter leed dragen als het leed om een eerstgeborene. Te dien dage zal in Jeruzalem de rouwklacht groot zijn….” (Zacharia 12:10,11)

Wie zouden Hem aanschouwen en wie zouden weeklagen? HET HUIS VAN DAVID. Dat zijn de Joden onder het oude verbond. Dat bewijst definitief dat Openbaring 1:7 niet over alle inwoners van de aarde gaat, maar over alle stammen van het land Israel. Dat is ook wat Jezus zei in Mattheüs 24:30, waar Hij eveneens verwees naar Zacharia 12:10-11:

‘…en dan zullen al de stammen van de aarde (= het land) rouw bedrijven en zij zullen de Zoon des mensen zien, als Hij op de wolken van de hemel komt met grote kracht en heerlijkheid.’ (Mattheus 24:30)

Onmiddellijk na deze verwijzing naar de profetie van Zacharia, zegt Jezus wanneer dit zal gebeuren:

“Voorwaar, Ik zeg u, dit geslacht zal geenszins voorbij gaan, voordat dit alles is geschied”. (Mattheus 24:34)

Openbaring 1:7 en Mattheus 24:30 citeren de profetie van Zacharia, die nadrukkelijk spreekt over HET HUIS VAN DAVID. Dat bewijst dat alle stammen van Israel Hem zouden zien en niet de hele wereldbevolking.


6) Wie werd geoordeeld?

Ouweneel: De goddeloze vijanden van Christus worden geoordeeld en de duivel wordt voor een tijd opgesloten (Openb. 17:14; 19:11–20:3).

Opnieuw wordt een tekst ontdaan van elke bijbelse context. Jezus sprak tot ISRAEL en over het oordeel van God over ISRAEL. De wederkomst zou niet voor de mensheid zijn, maar voor Israel, omdat ZIJ de profeten altijd vermoord hadde. Zij zouden Gods toorn ondergaan. Daarom zei Jezus tegen de joodse leiders:

‘Uiteindelijk zal OP UW HOOFD neerkomen al het onschuldige bloed dat op aarde vergoten is, van het bloed van de rechtvaardige Abel tot het bloed van Zacharias, de zoon van Berekja, die u vermoord hebt tussen de tempel en het altaar. Ja, ik verzeker u, dat alles zal neerkomen op deze generatie. Jeruzalem, Jeruzalem! U doodt de profeten en stenigt hen die God u gestuurd heeft. … Ja, uw huis zal als een woestenij achterblijven.’ (Mattheus 23:31-37)

Dit oordeel zou inluiden dat heel Jeruzalem en de tempel; verwoest zouden worden:

‘Zijn leerlingen kwamen naar hem toe en wezen hem op de gebouwen van de tempel. ‘Ja,’ zei Jezus hun, ‘zien jullie dat alles? Ik verzeker jullie: er zal geen steen op de andere blijven staan; alles wordt met de grond gelijkgemaakt.’ (Mattheus 24:1-2)

In het volgende vers vroegen de leerlingen wanneer dit zou gebeuren en at het teken zo zijn van Zijn komst in oordeel:

‘Wilt u ons vertellen WANNEER DAT GAAT GEBEUREN en aan wat voor teken wij kunnen zien dat UW KOMST en de voltooiing van dit tijdperk ophanden zijn?’ (Mattheus 24:3)

Opnieuw bevestigde Jezus wanneer dit zou gebeuren:

‘Ik verzeker jullie: de mensen van deze tijd zullen dit alles nog beleven.’ (Mattheus 24:34)

De ‘goddeloze vijanden van Christus’ zijn volgens Jezus en de apostelen DE JODEN die Jezus verwierpen en de christenen gewelddadig vervolgden. Het heeft niets te maken met de hele wereldbevolking!

We moeten leren de bijbelse context voor ogen te houden en niet teksten ontdoen van elk bijbels verband en ze volslagen onterecht toepassen op onze westerse wereld, tweeduizend jaar later. Dat is bijbelmisbruik. Meer over eerlijk en juist gebruik van de Bijbel lees je in ‘De Waarheid Over De Wederkomst‘.


7) Oordeel

Ouweneel: Wanneer Hij komt in al zijn heerlijkheid, zal Hij zitten op de ‘troon van zijn heerlijkheid’ en alle volken zullen vóór Hem verschijnen om door Hem geoordeeld worden (Matt. 25:31-46). Dat is in 70 evenmin gebeurd.

Dezelfde fout: het gaat niet om de hele wereld, maar om alle volken in Israel. Nergens is er sprake van de hele wereldbevolking, Jezus sprak tot het oude ISRAEL. Zij hadden de profeten vervolgd en ZIJ zouden geoordeeld worden. ‘Alle volken’ betekent in de context alle mensen in het land Israel. De context is sleutel om de Bijbel juist te begrijpen. Teksten uit de context rukken levert ons over aan onjuiste denkbeelden.


8) Wij zijn de tempel!

Ouweneel: De engel Gabriël beloofde aan Maria dat God aan Jezus de troon van zijn vader David zou geven (Luk. 1:32); dat is de troon van Davids koningschap over Israël (2 Sam. 3:10; 1 Kon. 2:12 enz.). Die troon staat nog steeds in Jeruzalem (Ps. 122:3-5), niet in de hemel! Als Jezus terugkomt, zal Hij zitten op díé troon, en zal het voor altijd vrede en gerechtigheid zijn op aarde (Jes. 9:6).

Hier verwerpt Ouweneel de kernwaarheid van het nieuwe verbond, dat God nooit meer in een aardse tempel zal wonen. Wij zijn Gods tempel! Hij troont in ons.

“U bent de tempel van de levende God, zoals God gezegd heeft: Ik zal in hun midden wonen en onder hen wandelen, en Ik zal hun God zijn en zij zullen Mijn volk zijn.” (2 Korintiers 6:16)

Ook het idee dat Jezus zal zetelen in een nieuwe aardse tempel, in een aards Jeruzalem staat haaks op wat Jezus had gezegd. Hij sloot definitief het aardse denken af, met zijn beroemde verklaring:

‘De tijd komt dat u niet op deze berg, en ook niet in Jeruzalem de Vader zult aanbidden…. de tijd komt en is nu, dat de ware aanbidders de Vader zullen aanbidden in geest en waarheid, want de Vader zoekt wie Hem zo aanbidden. God is Geest en wie Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid.’ (Johannes 4:23, 24)​


9) De Olijfberg

Ouweneel: Jezus zal terugkeren op de Olijfberg (Hand. 1:11); in zijn persoon zal God zelf zijn voeten op de Olijfberg zetten (Zach. 14:4); dan zal zijn heerlijk koningschap over de aarde beginnen, waarin onder andere alle volken zullen optrekken naar Jeruzalem (vs. 9-19).

De historicus Eusebius schrijft dat dit wel degelijk gebeurd is! Nadat Gods aanwezigheid de tempel verliet, heeft de Heer Zich verplaatst naar de Olijfberg. Deze gebeurtenis was dermate bekend in die tijd dat zelfs eeuwen later christenen uit de hele wereld naar de Olijfberg gingen, om er de Heer te aanbidden, omdat iedereen wist dat Hij op die Olijfberg had gestaan!

‘Gelovigen in Christus kwamen uit alle delen van de wereld, niet zoals in de oude tijden omwille van de heerlijkheid van Jeruzalem, noch opdat ze zouden aanbidden in de oude tempel te Jeruzalem, maar… om te aanbidden op de Olijfberg tegenover de stad, waarheen de heerlijkheid van God Zich verplaatst had, toen het de vroegere stad verliet.’ (Proof of the Gospel, Book VI, Chapter 18 (288))


10) Jezus of Israel?

Ouweneel: Israël zal het middelpunt van de wereld zijn, want als Christus terugkomt, zal ‘heel Israël’ behouden worden (Rom. 11:15,23-27). Dat is hetzelfde letterlijke Israël als in héél Rom. 9–11. Dat zal de dag zijn waarop Israël en Jeruzalem voor eeuwig verzoend zullen worden (Dan. 9:24).

De afgoderij van het aardse Israel en de verwerping van Jezus Christus als degene in wie alle beloften vervuld zijn, is dermate cruciaal, dat ik hier het hele hoofdstuk uit ‘De Waarheid Over De Wederkomst’ plaats. Het is een lap tekst, maar wel bijzonder essentieel om een juist beeld te krijgen op Jezus en Israel.

Fundamenteel aan de leer van de fysieke wederkomst, is dat de geestelijke realiteiten van Gods koninkrijk ontkend worden. Alles wordt aards en stoffelijk uitgelegd. Daarom wordt alle aandacht gericht op het oude, aardse Israel. Volgens deze leer zal er immers een nieuwe stenen tempel gebouwd worden in het aardse Jeruzalem. Israel wordt daarom beschouwd als de spil van alles wat God zal doen, in de toekomst.

Veel christenen geven dan ook meer aandacht aan Israel dan aan Jezus Christus.

Ze willen Joods praten, Joods denken, Joods eten, de Joodse feesten vieren, enzovoort… Op die manier menen ze pas echt geestelijk te zijn. Als we echter menen dat al Gods beloften aan het oude Joodse volk nog vervuld moeten worden in het huidige aardse Israel, dan gaan we volkomen voorbij aan de fundamentele openbaring van het nieuwe verbond, dat al Gods beloften reeds vervuld zijn IN JEZUS CHRISTUS. Dat is wat de apostel Paulus met zoveel vuur verkondigde, in al zijn brieven:

‘Want hoevele beloften Gods er ook zijn, in Hem is het: JA! Daarom is ook doorHem het: amen, tot eer van God.’ (2 Korintiers 1:20)

De ultieme boodschap van het Nieuwe Testament is, dat alle rijkdommen van God ontvangen worden in Jezus Christus, in wie de volheid van God woont! Hij is het grote geheimenis, wat door de eeuwen verborgen was en nu geopenbaard is door de Geest.

‘Want IN HEM, in zijn lichaam, woont God VOLLEDIGen in uw verbondenheid met hem, die boven alle krachten en machten staat, bezit u die volheid.’ (Kolossenzen 2:9)

Een van de mooiste brieven van het Nieuwe Testament is de brief aan de Efezen, waarin Paulus vol enthousiasme verklaart dat AL Gods zegeningen aan ons gegeven zijn in Jezus Christus:

‘Gezegend zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, Die ons gezegend heeft met alle geestelijke zegeningen in de hemelse gewesten in Christus,’ (Efeze 1:3)

Het idee dat Gods zegeningen apart aan het huidige aardse Israel gegeven zullen worden, los van Jezus Christus, is een volkomen ontkenning van wie Jezus Christus. Dat is dezelfde geest die werkzaam was in de Joodse schriftgeleerden die eveneens Jezus verwierpen als de vervulling van Gods beloften.

Omdat het hedendaagse aardse Israel als volmaakt heilig wordt beschouwd, menen sommigen dat iedereen die zichzelf Jood noemt, dus per definitie deel uitmaakt van Gods uitverkoren ook en dus Gods geliefde oogappel is. Maar is dat wat Jezus Christus zei? Laten we eens kijken wat Jezus tegen de Joodse leiders zei:

‘Zij antwoordden en zeiden tegen Hem: Abraham is onze vader. … Jezus zei tegen hen: U bent uit uw vader de duivel. (Johannes 8:39-44)

citaat joden duivel

Jezus Christus noemde de Joodse leiders niet ‘Gods oogappel’ of ‘Gods uitverkoren volk’, integendeel. Hij noemde hen het ergste wat God ooit tegen een mens kan zeggen: ‘Jullie zijn uit de duivel!’ Dat zei Hij omdat de Joden altijd Gods profeten hadden vervolgd, God voortdurend de rug toekeerden en zelfs Jezus Christus verwierpen. Net als de duivel, verkozen ze de leugen boven de waarheid.

Hiermee maakte Jezus duidelijk dat de menselijke afstamming van Abraham geen enkele aarde heeft voor God! Niet iedereen die Jood is, hoort bij Gods volk.

Dat is ook wat de apostel Paulus zei:

‘Niet alle Israëlieten behoren werkelijk tot Israël, niet alle nakomelingen van Abraham zijn ook werkelijk zijn kinderen.’ (Romeinen 9:6)

Hoe wordt iemand een ware Jood, volgens God?

‘Jood is men niet door zijn uiterlijk, en de besnijdenis is geen lichamelijke besnijdenis. Jood is men door zijn innerlijk, en de besnijdenis is een innerlijke besnijdenis. Het is het werk van de Geest, niet een voorschrift uit de wet, dus wie innerlijk een Jood is, ontvangt geen lof van mensen maar van God.’ (Romeinen 2:28, 29)

Was Abraham de vader van alle mensen die fysiek uit zijn lichaam voortkwamen? Neen. Abraham was de vader van HEN DIE GELOVEN.

Daarom delen wij – die in Jezus Christus geloven – in zijn erfenis, in tegenstelling tot mensen die genetisch misschien wel Joods zijn, maar geen geloof hebben. In Gods ogen zijn zij geen echte Joden. Jezus zei niet voor niets dat veel Joden helemaal geen Joden zijn, maar juist bij satan horen!

​’Ik ken de lastering van hen die zeggen dat zij Joden zijn, maar het niet zijn; zij zijn namelijk een synagoge van de satan.’ (Openbaring 2:9)

‘Ik geef u enigen uit de synagoge van de satan, van hen die zeggen dat zij Joden zijn en het niet zijn, maar liegen…’ (Openbaring 3:9)

Jezus maakte het verbijsterend duidelijk dat lang niet iedereen die genetisch gezien van Abraham afstamt een echte Jood is. Een ware Jood in Gods ogen is iemand die GELOOFT, net als Abraham. Zij die NIET geloofden en zelfs het geloof bestreden, noemde Jezus niet kinderen van God, maar een synagoge van satan. Veel duidelijker kon Hij het niet zeggen. In zijn brief aan de Romeinen, in hoofdstuk vier, hamert Paulus hier voortdurend op: Abraham is de vader van allen die geloven! Daarom zei Jezus ook dat alleen zij die Gods wil doen, zijn familie zijn:

‘… wie de wil van God doet, die is Mijn broeder en Mijn zuster en Mijn moeder.’ (Marcus 3:35)

Aan de Galaten schreef Paulus dat iedereen die IN CHRISTUS is, nageslacht van Abraham is:

‘U bent allen kinderen van God door het geloof in Christus Jezus. Want u allen die in Christus gedoopt bent, hebt zich met Christus bekleed. Daarbij is het niet van belang dat men Jood is of Griek; daarbij is het niet van belang dat men slaaf is of vrije; daarbij is het niet van belang dat men man is of vrouw; want allen bent u één in Christus Jezus. En als u van Christus bent, dan bent u Abrahams nageslacht en overeenkomstig de belofte erfgenamen. (Galaten 3:26-29)

‘Want in Christus Jezus heeft niet het besneden zijn enige kracht, en ook niet het onbesneden zijn, maar wel dat we een nieuwe schepping zijn.’ (Galaten 6:15)

Het onderscheid dat er vroeger was tussen Israel en de overige volkeren is geheel weggevallen!

Er is geen onderscheid tussen Joden en andere volken, want ze hebben allen dezelfde Heer. Hij geeft zijn rijke gaven aan allen die hem aanroepen, want er staat: ‘Ieder die de naam van de Heer aanroept, zal worden gered.’ (Romeinen 10:12)

Dit is een ultiem kenmerk van het nieuwe, in Jezus Christus. In Hem is er geen Jood of heiden meer, maar zijn allen die geloven deel van Gods nieuwe volk.

Daarbij is niet Griek en Jood van belang, besnedene en onbesnedene, barbaar en Scyth, slaaf en vrije, maar Christus is alles en in allen.’ (Kolossenzen 3:9-11)

‘want door één Geest zijn wij allen tot één lichaam gedoopt, hetzij Joden, hetzij Grieken, hetzij slaven, hetzij vrijen, en allen zijn wij met één Geest gedrenkt.’ (1 Korintiers 12:13)

‘Tussen Jood en heiden bracht hij vrede, door in zichzelf uit die twee één nieuwe mens te scheppen.’ (Efeze 2:15)

‘Want wij zijn de besnijdenis, wij die God in de Geest dienen en in Christus Jezus roemenen niet op het vlees vertrouwen.’ (Filippenzen 3:3)

De extreme nadruk die veel christenen in deze tijd leggen op het aardse Israel, staat dan ook haaks op het ware evangelie en is niets anders dan een afleiding van Jezus Christus.

Geen enkele apostel in het nieuwe testament predikte Israel, ze predikten allemaal JEZUS CHRISTUS!

De apostel Paulus was een Joodse schriftgeleerde van de hoogste orde en had alle reden zich specialer te voelen dan de heidense christenen. Dat deed hij echter niet. Als Jood zijnde, schreef hij aan de christenen in Filippi dat hij zijn gehele Joodse achtergrond achter zich wierp, omdat Hij slechts Jezus Christus wilde kennen. Dit was dan ook zijn passie: om Joden en heidenen de volle rijkdom te openbaren van wie Jezus Christus is. Zijn voornaamste vijanden waren dan ook de Joden, die niet wilden erkennen wie Jezus werkelijk is.

‘Aan hen heeft God bekend willen maken hoe rijk en heerlijk dit geheim is dat onder de niet-Joden wordt verspreid en dat luidt: Christus woont in u; hij is uw hoop op de eeuwige heerlijkheid. Christus is het die wij bekendmaken, en daarbij vermanen we iedereen en leren we iedereen met al de wijsheid die ons gegeven is, want wij willen iedereen tot volmaaktheid brengen in Christus.’ (Kolossenzen 1:27, 28)

‘Dan zullen ze Gods geheim leren kennen, namelijk Christus. In hem liggen alle schatten van wijsheid en kennis verborgen.’ (Kolossenzen 2:3)

Christus is het nieuwe, Hij is de volheid, Hij is de vervulling, Hij is de realiteit, Hij is ons leven, Hij is alles in allen, Hij is de alpha en omega, in Hem zijn al Gods beloften JA en AMEN! Hij is het grote geheim dat door de eeuwen verborgen is gebleven en dat door de Geest van God geopenbaard werd.

De Geest van God openbaart Jezus Christus, en de geest van profetie getuigt over Jezus Christus.

Het is tijd dat christenen terugkeren naar de eerste liefde van Jezus Christus en zich niet langer van Hem laten wegleiden, door misleidende, religieuze geesten die hen op het oude Israel richten. Dat is in wezen niets anders dan Zionisme, wat niets te maken heeft met het evangelie. Zionisme is een wereldse beweging die beweert dat alles draait om het aardse Jodendom, en deze beweging ontkent Jezus Christus geheel. Veel christenen laten zich echter meeslepen door dat Zionisme en menen dat je pas een ware christen bent, als je het aardse Israel de hoogste plaats in je leven geeft. Het is in feite  afgoderij. Net zoals roomskatholieken de maagd Maria vereren, vereren evangelische christenen het aardse Israel. Enkele jaren geleden hoorde ik de Geest van God heel duidelijk tegen me zeggen:.

‘Net zoals de maagd Maria een afgod is voor katholieken, is Israel een afgod voor protestanten. Ze geven eer en aandacht aan Israel, die uitsluitend toekomt aan Jezus Christus.’

De verering van het aardse Israel is in essentie dezelfde vijand waar de apostel Paulus voortdurend tegen te strijden had: de Joden die zich verzetten tegen de ware openbaring van Jezus Christus, en christenen voortdurend terug wilden leiden naar het oude Jodendom.

Gods liefde voor Israel

Houdt God dan niet van het huidige aardse Israel? Natuurlijk wel! Net zoals Hij houdt van de Nederlanders, Fransen en Amerikanen. Hij houdt van alle mensen. Bij God is er geen aanzien des persoons. Heeft God nog een bijzonder plan met Israel? Absoluut! Net zoals Hij een geweldig plan heeft met je eigen land en je eigen volk. Maar het betekent niet, omdat iemand in het aardse Israel woont, dat zij een hogere plaats innemen bij God. Dat idee druist geheel in tegen alles wat Jezus en de apostelen hebben gezegd. Nogmaals: het is zelfs een regelrechte ontkenning van wie Jezus Christus is en dat is uitermate ernstig.

Hierbij is het nuttig te vermelden dat wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat het merendeel van de inwoners van Israel genetisch gezien niet eens echte Joden zijn. Er is wel degelijk ernstige vermenging opgetreden, in de tweeduizend jaar nadat God het oude Israel van de kaart heeft geveegd, als Zijn oordeel over hun afgoderij en verwerpen van al Zijn profeten. De oude hemel en aarde zijn werkelijk voorbijgegaan en nu is alles geheel nieuw IN JEZUS CHRISTUS.

De focus ligt nu volkomen op Jezus Christus, en dat geldt zowel voor Joden als heidenen. Alle mensen ontvangen nu de volheid van God IN CHRISTUS.

Sommige christenen noemen deze fundamentele waarheid van het evangelie ‘vervangingstheologie’, maar dat is natuurlijk een volkomen onjuiste beschuldiging. Dit is geen vervangingstheologie, maar het is eenvoudigweg de boodschap van de Bijbel, van begin tot einde. Het ging altijd al om Jezus Christus, ook in het Oude Testament. Alles was toen een schaduw die wees naar wat komen zou.

‘De wet van Mozes is maar een schaduw van de komende weldaden en niet hun ware gedaante.’ (Hebr. 10:1)

​’Dergelijke zaken zijn niet meer dan een schaduw van de dingen die moeten komen; de werkelijkheid zelf is Christus.’ (Kolossenzen 2:17)

Dat betekent natuurlijk niet dat je geen liefde voor het Joodse volk mag hebben.

Wij hebben eens al ons geld – duizenden euro’s – weggegeven aan een zendeling die het evangelie verkondigt onder de Joden in Israel.

Dat zeg ik om aan te geven dat ik absoluut geen Jodenhater ben. Ik heb veel liefde voor Joden! Ik heb eens urenlang gepraat met een Jood, over de Bijbel. Hij wilde niets van  me aannemen. Toen bood ik aan om samen te bidden en God te vragen tot ons te spreken. Hij bad een gebed uit een Joods gebedenboekje en ik bad in mijn eigen woorden tot God. Toen zei de Geest van God tegen me: ‘David, bid hardop in tongentaal!’ Ik gehoorzaamde en terwijl ik in tongen bad, zag ik hoe de ogen van de Jood uit zijn kassen rolden en zijn mond openviel tot op de grond. Na mijn gebed greep hij me vast en vroeg: ‘Heb je enig idee wat je zonet gebeden hebt?’ Ik antwoordde dat het tongentaal van de Geest was. Hij zei:

‘Wat je bad was 90% OUD HEBREEUWS! Dat is een oude heilige taal die alleen rabbis kennen, en ze gebruiken deze taal enkel wanneer ze over God spreken.’

Hij opende prompt zijn hart voor Jezus Christus. Sindsdien is het mijn verlangen ooit op zendingsreis te gaan naar Israel en daar Jezus Christus bekend te maken. Ik heb een grote bewogenheid voor de overgeblevenen van het oude joodse volk. Van antisemitisme is bij mij en mijn vrouw dan ook in de verste verte geen sprake. We hebben Israel zeer lief, en lijden mee met de vreselijke vervolging die dit volk ondergaat. Maar onze bewogenheid is zuiver en escaleert niet tot afgoderij. Net zoals we ook diepe bewondering hebben voor de maagd Maria, zonder dat we haar daarom ooit zullen vereren. Maria was een dienstmaagd die de eer had Jezus te baren, net zoals het oude Israel bedoeld was om Jezus voort te brengen.

Maar alle aandacht gaat naar JEZUS, niet naar Maria of Israel.

Heb Israel lief, en openbaar hen wie Jezus Christus is. Een grotere liefde voor de Joden kun je niet hebben, dan dat je hen helpt ontdekken wie Jezus is, in al zijn volheid en rijkdom.


11) Opstanding

Ouweneel: Bovendien staan bij Jezus’ wederkomst alle gelovigen lichamelijk op uit de dood om in het Vaderhuis gebracht te worden (Joh. 14:1-3)

Doorheen het Oude en Nieuwe Testament wordt voorspeld dat bij de komst van Jezus de zogenaamde ‘opstanding van de doden’ zal plaatsvinden. Een van de grootste misverstanden onder christenen is het idee dat de doden dan FYSIEK opstaan. Nergens in de Bijbel wordt echter gezegd dat de opstanding lichamelijk zou zijn. Steeds is er sprake van een geestelijke opstanding. Dat wordt bijvoorbeeld benadrukt door de apostel Paulus:

‘Er wordt een aards lichaam gezaaid, maar een geestelijk lichaam opgewekt. Wanneer er een aards lichaam is, is er ook een geestelijk lichaam. Zo staat er ook geschreven: ‘De eerste mens, Adam, werd een levend, aards wezen.’ Maar de laatste Adam werd een levendmakende geest. Niet het geestelijke is er als eerste, maar het aardse; pas daarna komt het geestelijke. De eerste mens kwam uit de aarde voort en was stoffelijk, de tweede mens is hemels. Ieder stoffelijk mens is als de eerste mens, ieder hemels mens is als de tweede. Zoals we nu de gestalte van de stoffelijke mens hebben, zo zullen we straks de gestalte van de hemelse mens hebben.’ (1 Korintiers 15:44-49)​

Pauls hamerde erop dat bij de verschijning van Jezus Christus (PAROUSIA, geestelijke aanwezigheid) christenen bekleed worden met een geestelijk lichaam, dat onsterfelijk is. Dat noemde hij ‘de opstanding uit de dood’. Wat hield deze opstanding in?

Voor de aanwezigheid van Jezus hadden gelovigen nog geen eeuwig leven. Bij hun lichamelijke dood, ging hun geest naar het dodenrijk, om er te slapen.

Dat zien we bijvoorbeeld bij de profeet Samuel, die rustte in het dodenrijk en in opdracht van Saul opgeroepen werd door een waarzegster. Sommigen beweren dat dit een demon was, maar dat is eenvoudigweg niet wat er staat. De Bijbel zegt gewoon dat het Samuel zelf was. Ook tegen Daniel zei de engel dat hij moest gaan rusten, tot de opstanding van de doden. De engel Michael zei tegen Daniel dat deze opstanding zou gebeuren in het einde der tijden (Daniel 12:1-2, 13). Het einde der tijden was volgens Jezus en de apostelen de verwoesting van Jeruzalem en de tempel. De opstanding zou dus gebeuren gedurende die periode. Bovendien zei de engel dat de opstanding van de doden zou gebeuren tijdens de grootste verdrukking die er ooit is geweest.

“Het zal een tijd van verdrukking zijn, zoals er niet geweest is sinds er volken bestaan. In die tijd zal je volk worden gered: allen die in het boek zijn opgetekend. Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd.” (Daniel 12:1,2)

Jezus Christus noemde de verwoesting van Jeruzalem de grootste verdrukking die er ooit is geweest en zoals er nooit meer zijn zal. Daaruit weten we met zekerheid dat de opstanding inderdaad plaatsvond tijdens de verwoesting van Jeruzalem. Bij Zijn komst zou Jezus de doden opwekken en aan de gelovigen het beloofde eeuwige leven schenken. Bovendien zouden alle levende christenen op dat moment bekleed worden met het eeuwige leven. Dat betekent dat wij nu eeuwig leven hebben.

Als wij sterven, gaan wij niet meer naar een dodenrijk, maar we stappen eenvoudig uit ons aardse lichaam en leven verder in ons geestelijke lichaam.

wederkomst opstanding doden

Indien er geen opstandig was geweest, zouden wij allemaal nog steeds naar het dodenrijk gaan, na ons overlijden. Dankzij de opstanding uit de doden blijven we nu eeuwig leven. Onze eenheid met God blijft gehandhaafd. We leven voor eeuwig met Hem.


11) Vervangingsleer

Ouweneel: Een van de grote problemen van het preterisme is dat het een variant is van de aloude ‘vervangings-’ en ‘vergeestelijkingstheologie’, waarvan we nu eindelijk een beetje verlost begonnen te raken. Deze theologie houdt in: de Kerk is het ‘geestelijk Israël’, alle profetieën voor Israël worden vergeestelijkt (zeg maar gerust: weggeredeneerd) en op de Kerk toegepast.

Dit is geen vervangingstheologie, maar eenvoudigweg het evangelie en de openbaring van Jezus Christus. In Christus is alles vervuld. Het gaat niet om israel, het gaat om JEZUS CHRISTUS.

Het is juist Willem Ouweneel die een ‘vervangingstheologie’ aanhangt. Daar waar de Bijbel voortdurend wijst op Jezus Christus, vervangt hij Christus door het aardse Israel. Over vervanging gesproken!


12) Eindtijd

Ouweneel: Er is totaal geen zicht op wat God in de huidige eindtijd aan het doen is.

De Bijbel zegt nergens dat de eindtijd in de 21e eeuw zou zijn. De enige eindtijd die de Bijbel aangeeft is de periode vooragaand aan het einde van het oude verbond, met de verwoesting van de tempel en Jeruzalem. DAT WAS DE EINDTIJD. Het hele idee dat wij – tweeduizend jaar later – jaren later in de eindtijd leven, is een van de meest onjuiste denkbeelden die christenen zich ooit hebben laten wijsmaken.

De apostelen benadrukten dat ZIJ – tweeduizend jaar geleden – in de eindtijd leefden.

Zij zagen uit naar het einde van het oude verbond wat gepaard zou gaan met de verwoesting van het oude volk Israel, de verwoesting van de heilige verbondsstad en de vernietiging door vuur van de tempel (=hemel en aarde). Met dat oordeel zou Jezus Christus met zijn engelen verschijnen op de wolken, en zou Gods geestelijke koninkrijk gevestigd worden. Dat is gebeurd. Nu leven we al tweeduizend jaar in de uitbreiding van Gods heerschappij in de harten van mensen. Dat dit koninkrijk al geweldig veel veranderd heeft blijkt uit het feit dat nu honderden miljoenen mensen christen zijn. In ‘De Waarheid Over De Wederkomst’ vertel ik uitvoerig wat God in onze tijd aan het doen is.


13) Vooruitzicht

Ouweneel: Er is niets om naar uit te kijken (behalve dan sterven en naar de hemel gaan).

Dat is dus het drama van deze misleiding dier Ouweneel gelooft en verkondigt. Het rooft je inderdaad van alle hoop. En het rooft je van de heerlijke realiteit van de aanwezigheid van Jezus in ons midden. We hoeven niet uit te kijken naar Zijn lichamelijke komst, maar we mogen zijn aanwezigheid in ons leven ervaren. De leer dat Jezus lichamelijk moet komen vooraleer we echt een goede relatie met Hem kunnen hebben, verhindert ons om te leven in hetgeen Jezus ons gegeven heeft: HIJ IS IN ONS MIDDEN!

Bovendien kunnen we uitkijken naar de uitbreiding van Gods koninkrijk.

God roept ons allemaal om samen met hem mee te werken om Zijn vrede te brengen in elk gebied van de maatschappij. De leugen dat we op Jezus moeten wachten, vertelt ons dat we ons moeten terugtrekken uit de samenleving en ons enkel bezighouden met de kerk, tot Jezus ons komt weghalen. De waarheid is echter dat we niet weggenomen worden, maar dat we GEZONDEN worden om Gods licht te laten schijnen in elk gebied van de maatschappij. We zijn geroepen als apostelen om Zijn liefde te verspreiden. We hoeven dus niet apatisch in de kerken af te wachten, we worden UIT de kerken gezonden, de wereld in, om Jezus Christus te brengen.


14) Nieuwe hemel en aarde

Ouweneel: Er zijn geen specifieke beloften voor Israël meer, er komt geen opstanding van alle gestorvenen (gelovig en ongelovig), er komt zelfs geen ‘nieuwe hemel en nieuwe aarde’.

De profeet Jesaja voorspelde dat er bij de komst van Jezus Christus een nieuwe hemel en aarde zou komen. Dat werd bevestigd door Jezus en zijn apostelen, die eveneens spraken over een ‘nieuwe hemel en aarde’. Om dit te begrijpen, geldt opnieuw de belangrijke waarheid dat God Geest is en spreekt over de geestelijke werkelijkheid. Om die geestelijke realiteit aan te duiden, gebruikt God doorheen de Bijbel een typische beeldtaal, die bij de Joden bekend was.

Wij moderne westerlingen van de 21e eeuw hebben geen begrip van de oude Joodse beeldende taal, die tweeduizend jaar geleden gangbaar was. Wanneer wij de woorden ‘nieuwe hemel en aarde’ lezen, denken wij dat dit letterlijk de hemel en aarde betekent. Niets is minder waar! Voor de Joden betekende deze term iets totaal anders.

De term ‘hemel en aarde’ was een uitdrukking waarmee de tempel, het verbond en het Joodse volk werden aangeduid!

De gelovige Joodse geleerde Flavius Josephus schreef hierover:

“Mozes verdeelde de tabernakel in drie aparte delen. Twee ervan waren voor de priesters, als zijnde toegankelijk voor de mensen en deze noemde hij het land en de zee. Maar het derde deel zette hij apart voor God, want de hemel is niet toegankelijk voor de mensen.’ (Josephus, Antiquities, Book 3, Chapter 7, Paragraph 7, Section 181)​

We zien dus dat de tabernakel, ofwel de tempel, ingedeeld werd in drie delen:

– De hemel was alleen toegankelijk voor de hogepriester
– De aarde voor de priesters
– De zee voor de ‘gewone’ mensen

Dat de tempel, oftewel het heiligdom, beschouwd werd als de hemel en aarde, blijkt eveneens uit volgende psalm:

‘Hij bouwde zijn heiligdom, hoog als de hemel, en zette het vast als de aarde, voor eeuwig.’(Psalm 78:69)

De uitdrukking ‘hemel en aarde’ duidt doorheen de Bijbel ook het oude Joodse volk aan. De profeet Jesaja begint zijn profetie met aan te duiden tot wie hij spreekt. Hij zegt eerst JUDA en JERUZALEM en noemt hen vervolgens HEMEL EN AARDE:

‘Het visioen van Jesaja, de zoon van Amoz, dat hij gezien heeft over JUDA en JERUZALEM…. Luister, HEMEL, neem ter ore, AARDE! Want de Heer spreekt.’ (Jesaja 1:1,2)

jesaja hemel aarde

Hetzelfde zei Mozes, toen hij zich richtte tot het HELE VOLK VAN ISRAEL. Evenals Jesaja sprak Mozes hen toe als ‘HEMEL EN AARDE’:

‘Toen sprak Mozes ten aanhoren van heel de gemeente van ISRAEL de woorden van dit lied, totdat ze voltooid waren: Hoor mij aan, HEMEL, dan zal ik spreken! Laat de AARDE de woorden van mijn mond horen.’ (Deuteronomium 31:30, 32:1)

Eenmaal we dat begrijpen, kunnen we ook begrijpen wat er bedoeld werd met de verwoesting van de hemel en aarde en een nieuwe hemel en aarde, die zou komen. Het oude verbond, de oude tempel en het oude Joodse volk zou door Gods oordeel vernietigd worden en er zou een nieuw verbond komen, met een nieuwe tempel (= de gelovigen zelf) en een nieuw volk van God, in Jezus Christus.

De term ‘nieuwe hemel en aarde’ is typisch Joodse beeldtaal voor een nieuwe geestelijke realiteit die God zou brengen in Jezus Christus.

Dat is inderdaad gebeurd bij de komst van Jezus: de verbondsstad Jeruzalem, de tempel en het Joodse volk werden vernietigd door vuur. Ruim 1.3 miljoen Joden werden tijdens deze grote verdrukking om het leven gebracht, op de meest gruwelijke manier. Dat betekende het einde van het toenmalige Joodse volk en het oude Israel. De hemel en aarde werd inderdaad vernietigd. Dat is wat Jesaja voorspelde, toen hij zei:

‘… de hemel verdwijnt als rook, de aarde vergaat als een kleed …’ (Jesaja 51:6)

Nogmaals herhaal ik hierbij, dat Jesaja aan het begin van zijn profetie aangaf dat Juda en Jeruzalem de hemel en aarde waren:

‘… Juda en Jeruzalem… Luister, hemel, neem ter ore, aarde!’ (Jesaja 1:1)

(Jesaja 1:1,2)

Het oude Joodse volk was dus de ‘hemel en aarde’ en deze zouden voorbijgaan. De tempel en het oude Joodse volk zijn in 70 NC inderdaad vernietigd door het vuur van Gods oordeel.

In het nieuwe verbond dat Jezus bracht, zijn wij nu Gods tempel. Hij woont niet langer in een stenen gebouw, maar in ONS! In Christus zijn we ook een nieuwe schepping, en allen die in Christus zijn, worden nu Gods volk genoemd:

‘Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht, u, die voorheen geen volk was, maar nu Gods volk bent; u, die zonder ontferming was, maar nu in ontferming aangenomen bent.’ (1 Petrus 2:9-10)

Het meest uitgebreide bijbelgedeelte waarin gesproken wordt over de nieuwe hemel en nieuwe aarde zijn de hoofdstukken 65 en 66 van de profeet Jesaja. Daarin zegt hij het volgende over de nieuwe hemel en nieuwe aarde:

  • – Fysieke dood zal nog bestaan (65:20, 66:24)
    – Het bouwen van huizen en landbouw zullen doorgaan (65:21, 22)
    – Mensen zullen nageslacht voortbrengen (65:23, 66:22)
    – De Heer zal gebeden beantwoorden (65:24)
    – Er zal nog zonde zijn (Jesaja 65:20, Mattheus 12:32, Openbaring 22:15)
    – Er zal evangelisatie zijn, waarbij Joden en heidenen verenigd worden (66:19)

Het is duidelijk dat dit niet spreekt over een volmaakte, zondeloze, eeuwige fysieke ​nieuwe hemel en aarde, zoals wij geleerd hebben. Het is Gods nieuwe verbond, dat mensen ervaren die nog op aarde leven. Maar de mensen sterven nog steeds (geestelijk hebben ze echter eeuwig leven!), ze moeten nog werken en er is nog zonde.

Bovendien zei Jesaja dat de nieuwe hemel en aarde zou ontstaan, wanneer de maat van de zonde van de Joden vol zou zijn en God hen zou vernietigen (65:7, 8-15, 66:3-6, 15-18, 24).

Dat is een regelrechte verwijzing naar de verwoesting van Jeruzalem. Zowel Jezus als Paulus zeiden dat de volheid van de zonden van Israel bereikt was! Dat was dus inderdaad de periode van de schepping van de nieuwe hemel en aarde. Volgens Jesaja zou God dan een nieuw volk scheppen, met een nieuwe naam (Jesaja 65:15-16). Dat is gebeurd in Jezus Christus. In Hem is er een nieuw volk van God, een nieuw verbond, een nieuwe schepping, een nieuwe naam.

Als de term ‘hemel en aarde’ letterlijk de totaliteit van de fysieke schepping ​zou betekenen, dan zouden wij allemaal nog steeds onderworpen zijn aan de wet. Want Jezus verklaarde dat de wet zou blijven bestaan, zolang de hemel en aarde bestonden:

Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet één jota of één tittel van de Wet voorbijgaan, totdat het alles geschied is.’ (Mattheus 5:18)​

We weten allemaal dat we niet meer onder de wet leven, maar onder Gods genade, die we ontvangen dankzij het kruisoffer van Jezus Christus. Dat is een zoveelste bevestiging dat de hemel en aarde inderdaad voorbijgegaan zijn, want de wet is niet meer werkzaam in het nieuwe verbond. We hoeven geen dierenoffers meer te brengen. Iedereen die zich tot Jezus Christus keert, wordt een nieuwe schepping en wordt deel van de nieuwe hemel en nieuwe aarde.

De Heer heeft waarlijk alle dingen nieuw gemaakt, in Jezus Christus


15) Geest of stof?

Ouweneel: Maar het is helemaal geen licht, want voor hun theorie moeten zij honderden profetieën vergeestelijken, verbasteren of gewoon negeren.

De sleutel om Gods woord te begrijpen is weten dat God Geest is en altijd spreekt over geestelijke realiteiten, met name in het Nieuwe Testament. In het OudeTestament waren er nog veel stoffelijke, aardse zaken aanwezig, maar die waren slechts een voorafschaduwing van de geestelijke realiteit die zou komen, in Jezus Christus. Over de stoffelijke zaken van het Oude Testament zegt de apostel Paulus:

‘Dergelijke zaken zijn niet meer dan een schaduw van de dingen die moeten komen; de werkelijkheid zelf is Christus.’ (Kolossenzen 2:17)

‘…hoewel zij dienstdoen in een heiligdom dat slechts een kopie en een schaduw is van het hemelse.’ (Hebr. 8:5)

In het oude verbond was alles aards en letterlijk, tastbaar en zichtbaar, maar dat waren dus slechts de tijdelijke schaduwen die vooruitwezen naar een veel mooiere en blijvende geestelijke realiteit, die we zouden ervaren in Jezus Christus, door de Heilige Geest.

Dat is een van de belangrijkste waarheden die we mogen beseffen, als we een juist zicht op God en de Bijbel willen krijgen. Het is door dat over het hoofd te zien, en nog steeds te denken alsof we in het oude verbond leven, dat veel christenen misleid worden.

Ook het idee dat Jezus zal zetelen in een nieuwe aardse tempel, in een aards Jeruzalem staat haaks op wat Jezus had gezegd. Hij sloot definitief het aardse denken af, met zijn beroemde verklaring:

‘De tijd komt dat u niet op deze berg, en ook niet in Jeruzalem de Vader zult aanbidden…. de tijd komt en is nu, dat de ware aanbidders de Vader zullen aanbidden in geest en waarheid, want de Vader zoekt wie Hem zo aanbidden. God is Geest en wie Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid.’ (Johannes 4:23, 24)​

Dat is een van de belangrijkste uitspraken van Jezus Christus, ten aanzien van de tijd waarin we leven. Er komt geen nieuwe tempel op een aardse locatie. Die tijd is VOORBIJ! De tijd is gekomen dat we NIET OP DEZE BERG en OOK NIET IN JERUZALEM de Vader zullen aanbidden. God wil nu eens en voor altijd dat we gaan beseffen dat Hij GEEST is en Hij wil dat we Hem dus aanbidden IN GEEST en waarheid.

Jezus heeft het tijdperk van het aardse denken afgesloten en heeft de geestelijke realiteit ingeluid.

Dat is werkelijk de sleutel om de Bijbel te begrijpen. Laten we nu in de realiteit binnengaan, die Jezus Christus ons geeft, door de Heilige Geest. Daar draait alles om. ​Sommige christelijke leiders die hun leven lang opgevoed zijn in het Griekse westerse denken, dat aards gericht is, vinden het erg moeilijk om de Bijbelse waarheid te erkennen dat God Geest is en wil dat we Hem in de Geest aanbidden. Sommigen noemen deze deze waarheid dan ook ‘gnosticisme’. Maar daar heeft het uiteraard niets mee te maken. Het gnosticisme ontkende dat Jezus in een fysiek lichaam geboren werd op aarde. Dat ontkennen we uiteraard niet. Maar in zijn aardse lichaam kondigde Jezus wel degelijk het einde aan van de aardse aanbidding en zei Hij dat God GEEST is en wil dat we Hem in de Geest aanbidden. Laten we daarom onze geestelijke zintuigen openen en leren leven in onze geestelijke mens. Want daar gaat het uiteindelijk om.


Conclusie

In de aankondiging van zijn column schreef Ouweneel dat hij ‘de hype van David Sorensen’ zou weerleggen. Uit zijn artikel blijkt echter dat hij niet eens de moeite heeft genomen mijn onderwijs te lezen. Elk van zijn beweringen wordt in ‘De Waarheid Over De Wederkomst’ tot in detail weerlegd, met de heldere bijbelse waarheid en de woorden van Jezus en de apostelen.

Als je ‘De Waarheid Over De Wederkomst‘ niet gelezen hebt nodig ik je uit het nu wel te lezen. Dan zullen je eigen wijd opengaan.

Ik heb Willen Ouweneel op voorhand diverse malen gevraagd EERST het onderwijs te lezen vooraleer erop in te gaan. Hij heeft dat niet gedaan en nu blijkt tot zijn schande dat hij uit onwetendheid heeft gereageerd. Ik betwijfel of hij de moed zal hebben deze weerlegging van zijn column te lezen, maar als hij dat doet, dan richt ik me nu tot jou Willem en ik nodig je voor de zoveelste maal uit de moed en eerlijkheid op te brengen eerst eens aandachtig en rustig te lezen wat ik aantoon in ‘De Waarheid Over De Wederkomst’. Als je hart echt open is voor Jezus Christus, dan zul je zien dat ZIJN woorden werkelijk haaks staan op hetgeen jou geleerd is in de kerk en wat jij verkondigt. Ik bid dat je zult veranderen van iemand die de woorden van Jezus verdraait, in iemand die de boodschap van Jezus omhelst.

Lees hier ‘De Waarheid Over De Wederkomst’

 

Over de auteur David Sorensen

David Sorensen zet zich met hart en ziel in om iedereen te laten zien hoe geweldig het is om God echt te kennen. Zijn grootste verlangen is dat mensen leren hoe ze God zelf kunnen ervaren als hun allerbeste Vriend en liefhebbende Vader.

Volg mij op:

Pin It on Pinterest

Share This